Doen wat nodig is

Kartrekker - Kartrekkers zijn onze helden. Krachtige mensen die hun dromen omzetten in concrete acties. Vaak tegen de klippen op. Wie zijn het, en wat drijft hen?

Ze blinkt uit in ‘de harde kant van de zachte sector’, zoals ze het zelf noemt. Als directeur van Stichting Taal Doet Meer maakt Lineke Maat zich iedere dag sterk voor meer waardering voor buitenschools leren. ‘Alleen daarmee kunnen we gelijke kansen creëren voor alle kinderen in Nederland.’

Eindelijk! Lineke ziet vandaag een collega weer in het echt. En dat is wel heel fijn na maandenlang intensief samenwerken zónder face-to-face contact. Op hun kantoor in Utrecht blikken ze terug op een paar hectische maanden. Sinds de lockdown is de stichting platgebeld door scholen en ouders voor extra taalondersteuning voor kinderen. Sommige leerlingen hádden al een achterstand, anderen liepen die nu juist op. Het was voor Lineke dan ook geen vraag of ze in zou gaan op deze acute kreet om hulp. ‘Tegen het bestuur van onze stichting zei ik: ik ga voor ons ‘coronaproject’ financiering aanvragen, maar we moeten vandáág al handelen. Als je doet wat nodig is, krijg je het financieel uiteindelijk wel geregeld, weet ik uit ervaring.’

Razendsnel handelen

Stichting Taal Doet Meer biedt taalcoaching aan anderstalige Utrechters, jong en oud, zodat zij kunnen meedoen in de samenleving. Om in te springen op de behoefte tijdens de lockdown (en daarna) startte de stichting het project Stadsnetwerk Taal en Huiswerk: online taal- en huiswerkondersteuning voor kinderen. Dat deed ze samen met diverse vrijwilligersinitiatieven, de gemeente Utrecht, scholen en de universiteit. Razendsnel werden studenten en andere nieuwe vrijwilligers opgeleid als taal- en huiswerkmaatje. ‘Het gaf me veel energie dat alle partijen zo snel en slagvaardig handelden’, vertelt Lineke. ‘Ook financieel kreeg ik het voor elkaar. Kansfonds begreep de urgentie en maakte meteen geld vrij.’

‘Als kind zag ik hoeveel voldoening het mijn ouders gaf om anderen te helpen’

Omzien naar je buren

Lineke maakt zich haar hele leven al hard voor mensen die niet vanzelfsprekend kunnen meedoen in de maatschappij. ‘Mensen die geen gelijke kansen krijgen, dat vind ik heel onrechtvaardig.’ Lineke groeide op in Dalfsen, onder de rook van Zwolle, op de boerderij van haar ouders. Hard werken was het devies. Maar nog belangrijker was ‘noaberschap’: Sallands voor omzien naar de mensen in je omgeving. ‘Mijn ouders stonden altijd klaar voor anderen die ziek waren of in zwaar weer zaten. Je leeft niet voor jezelf, zeiden ze. Als kind zag ik hoeveel voldoening het hen gaf om anderen te helpen.’

Strijden voor meer waardering

Niet gek dus dat Lineke later bij maatschappelijke organisaties terechtkwam. Al negen jaar bestiert ze met veel passie de stichting Taal Doet Meer. Daarvoor was ze onder meer adjunct-directeur bij stichting VluchtelingenWerk Utrecht. Ze is goed in het regelen van ‘de harde kant van de zachte sector’. Dus: bouwen aan een financieel en organisatorisch sterke organisatie, met een maatschappelijk belang.

‘Tijdens de lockdown kwam er plots meer waardering voor ons, en buitenschools leren in het algemeen’, vertelt Lineke. ‘Daar ben ik erg blij mee. Als we in Nederland gelijke kansen willen voor kinderen met een leerachterstand, moet er meer financiële steun komen voor buitenschoolse leervormen. Én een betere samenwerking met scholen. Want scholen hebben buitenschoolse partners hard nodig – ze zijn vaak al zo overbelast. Hopelijk helpt de extra waardering om die doelen in de toekomst te bereiken.’