Samen eten tegen eenzaamheid

Het Friese dorpje Boksum telt slechts vierhonderd inwoners. Klinkt overzichtelijk, maar toch is er door de vergrijzing behoorlijk wat eenzaamheid. In het dorpshuis kunnen ouderen daarom elke dinsdag terecht voor koffie, gymnastiek en af en toe een lunch.

SCHERP HOUDEN ‘Je kunt wel zeggen dat eenzaamheid een groeiend probleem is in Boksum. Er wonen hier veel ouderen, en die komen niet meer zo makkelijk de deur uit. Ze moeten bijvoorbeeld zorgen voor een zieke partner of zijn slecht ter been. Twee jaar geleden wilden we vanuit het dorpshuis iets doen voor deze ouderen. Het is zo belangrijk om in contact te blijven met de mensen om je heen. Dat je elkaar ziet en spreekt. Meer van elkaar weet dan alleen in welke straat de ander woont. Inmiddels drinken elke dinsdagochtend ruim twintig ouderen hier samen een bakkie koffie. Dan praten ze bij, en daarna kunnen ze in de zaal gymnastiek doen als ze zin hebben. Soms lunchen we na afloop nog met elkaar, zoals vandaag. Ook hebben we weleens een cursus valpreventie geregeld. Ja, we houden ze scherp.

Voor de deelnemers is de dinsdag inmiddels heilig. Velen balen als een stekker dat we tijdens vakanties dicht zijn. Ik merk ook dat de deelnemers steeds meer naar elkaar om gaan zien. Het valt ze op als iemand er niet is. Dan vragen ze me of ze iets voor hem of haar kunnen doen. Dat vind ik een goed teken.

Volgend jaar willen we vaker met elkaar lunchen na de gymnastiek. Dit jaar aten we vier keer samen, volgend jaar hopelijk acht keer. Ons doel is dat de deelnemers uiteindelijk zelf de lunch
klaarmaken. Samen aardappels schillen, vlees braden, salade maken. Dat zal het onderlinge contact nog beter maken. Al vinden ze het stiekem ook wel fijn, hoor, dat alles nu voor ze geregeld wordt.’

Hennie Annema (63), contactpersoon Projecten in Dorpshuis It String

HUISMUS ‘Nu ik ouder word, kom ik minder vaak buiten. Dat komt ook omdat ik slecht ter been ben. Gelukkig heb ik mijn man Sierd en mijn vijf kinderen in de buurt. Al is Sierd veel buiten de deur, omdat hij een stuk mobieler is dan ik. En mijn kinderen werken allemaal, dus die zie ik niet zoveel. Maar ondanks dat ik veel thuis zit, vermaak ik me wel. Op deze leeftijd word je ook gewoon wat meer een huismus. Toch ben ik wel heel blij dat ik elke dinsdag naar het dorpshuis kan. Zonder die ochtend zou ik eenzaam worden. Het dorpshuis is de plek om een praatje te maken met andere mensen. De meesten komen ook uit Boksum, sommigen uit een dorp verderop. Zo hoor ik elke dinsdag weer nieuwe verhalen. Ik ga altijd samen met mijn man, al twee jaar lang. Inmiddels kennen we de anderen goed en zijn we allemaal vrienden van elkaar geworden.

Als ik de koffie op heb, doe ik mee met de gymles. Mijn man heeft daar nooit zin in, maar ik vind het leuk – ook al kan ik niet alle oefeningen even goed meedoen. Na de gym lunchen we soms met de groep. Meestal een broodje, maar vandaag eten we warm. Extra feestelijk, omdat het bijna kerst is. Ze zorgen goed voor ons hier in het dorpshuis. Ik zou die dinsdag nooit meer willen missen.’

Willy Bottinga (76), kletst elke dinsdag bij in het dorpshuis