Onderzoek naar Gewoon geld geven

Een wezenlijk onderdeel van onze aanpak Gewoon geld geven is het onderzoek. Met als centrale vraag: wat is het effect van extra financiële armslag op het welzijn van gezinnen in armoede? Ook dragen we met het onderzoek bij aan de wereldwijde data over het effect van geld geven aan gezinnen in armoede. En we willen met de resultaten laten zien hoe de armoedebestrijding in ons land anders kan.

Gewoon geld geven is een innovatief sociaal onderzoek in Nederland

In Nederland is nooit eerder onderzocht wat de effecten zijn van het onvoorwaardelijk geven van geld op het welzijn van mensen, terwijl dit vraagstuk ook hier heel actueel is. Gebrek aan geld is immers de oorzaak van veel problemen waar mensen met een laag inkomen mee kampen en de stress die daarmee samenhangt, kan beginnende problemen snel verergeren.

In het buitenland is er meer structureel onderzoek gedaan naar extra financiële armslag. Die uitkomsten zijn veelbelovend. De context waarin buitenlandse onderzoeken hebben plaatsgevonden, verschilt sterk van Nederland en is bij ons niet zomaar toe te passen. Bijvoorbeeld omdat ons systeem van wet- en regelgeving anders is. Dat vraagt voor Gewoon geld geven een vertaling naar de Nederlandse situatie. Bovendien meten we met ons onderzoek zaken die nog niet eerder onderzocht zijn in vergelijkbaar buitenlands onderzoek.

Cindy en dochters buiten_43

Gewoon geld geven onderzoekt unieke aspecten:

  • Het vertrouwen in overheidsinstanties
  • Veranderingen in probleemoplossend vermogen
  • Het welzijn van kinderen
Lilla en zoon GGG

Niet genoeg geld hebben om een cadeautje te kopen voor de verjaardag van een vriendje, of geen geld hebben voor passende kinderkleding lijken misschien kleine zaken, maar de effecten hiervan zijn dat allerminst. Dit soort situaties kunnen bijdragen aan sociale uitsluiting en een verminderd zelfvertrouwen bij kinderen en zorgen voor stress bij ouders. Het geven van een maandelijkse geldbijdrage zou deze stress kunnen verlichten en de ouders meer lucht geven voor het regelen van andere zaken die aandacht vragen. Zo kan het mogelijk ook grotere problemen in gezinnen op de lange termijn voorkomen.

Fases van Gewoon geld geven

  • 2021-2022 Voorbereiding en pilot

  • 2022-2024 Twee jaar durend onderzoek

  • Eind 2024 Afbouwfase en evaluatie

Waarom eerst een pilot van 3 maanden?

Voorafgaand aan het twee jaar durende onderzoek, voeren we een pilot van 3 maanden uit op kleine schaal om de praktische methode van het onderzoek te testen. Daarmee testen we bijvoorbeeld hoe we de betalingen mogelijk kunnen maken. Ook testen we het werven en informeren van deelnemers, het voeren van kennismakingsgesprekken, de interviewmethoden en vragenlijsten en de uitvoering van de betalingen.

Van pilot naar opschaling van het onderzoek

Na een evaluatie van de pilot stellen we het proces bij en start het tweejarige onderzoek. Om te zorgen dat de gezinnen die meedoen na afloop niet in de problemen komen door het wegvallen van de maandelijkse gift, bouwen we die na 2 jaar langzaam af. Ook wordt met elk gezin gewerkt aan een passend financieel toekomstplan.

De gezinnen: interventiegroep en controlegroep

Aan het onderzoek doen gezinnen mee die leven van een bijstandsuitkering. Minstens 150 gezinnen doen mee in de interventiegroep. Zij krijgen de maandelijkse gift van €150. Onvoorwaardelijk, dus zonder tegenprestatie of verplichtingen. Om betrouwbare uitspraken te kunnen doen over het effect van Gewoon geld geven, is een controlegroep met hetzelfde profiel noodzakelijk. Minstens 375 gezinnen, die ook leven van een bijstandsuitkering, vormen de controlegroep. Deze groep ontvangt niet de maandelijkse bijdrage, maar een kleine vergoeding voor deelname aan het onderzoek.

Door middel van loting worden de gezinnen ingedeeld in de controlegroep of de interventiegroep. Beide onderzoeksgroepen doen gedurende die 2 jaar een aantal keer mee aan interviews en het invullen van vragenlijsten. Ze krijgen vragen over aspecten zoals het mentale en fysieke welzijn van zowel ouders als kinderen, de financiële situatie en het vertrouwen in de eigen vaardigheden, maar ook het vertrouwen in de overheid.

Buurtpastor Elizabeth praat met vrouw

Wetenschappelijke klankbordgroep

Gewoon geld geven draagt bij aan nieuwe wetenschappelijke inzichten wereldwijd met betrekking tot armoedebestrijding. Het Lectoraat Armoede Interventies van de Hogeschool van Amsterdam dat het onderzoek uitvoert, heeft een klankbordgroep van wetenschappers wereldwijd verzameld. Zij reflecteren kritisch op het onderzoek, vanuit hun kennis en ervaring met vergelijkbaar onderzoek.

Maatschappelijke kosten- en batenanalyse

Naast het onderzoek dat de HvA uitvoert, laten we ook een maatschappelijke kosten- en batenanalyse (MKBA) uitvoeren. Zo’n analyse geeft inzicht in de kosten en de baten van de aanpak Gewoon geld geven in vergelijking met het huidige armoedebeleid. Het kijkt naar de breedte van het maatschappelijke vraagstuk, zoals kosten en baten van het stelsel aan hulpverlening om de gezinnen heen en het effect van armoede op de gezondheidszorg en zorgkosten. Met zo’n analyse bieden we aanvullende onderbouwing voor een andere aanpak van armoede.

Martin + dochter koken GGG

Veelbelovende buitenlandse voorbeelden tonen deze effecten:

  • Sociale uitsluiting vermindert
  • Er is minder stress
  • Schoolprestaties worden beter
  • Er is minder ondervoeding
  • Er is meer kans op het vinden van fulltime werk

Resultaten van onderzoek uit de Verenigde Staten (2019-2021)

Recent onderzoek in de Verenigde Staten laat zien dat het schenken van een onvoorwaardelijke financiële bijdrage gedurende twee jaar leidt tot minder stress en minder mentale problemen bij mensen met een laag inkomen. Ook verhoogt het de kans op het vinden van een fulltime baan.

Veel gestelde vragen over het onderzoek

Onderzoeksteam

Hogeschool van Amsterdam

Lectoraat Armoede Interventies

  • Dr. Roeland van Geuns is lector bij het lectoraat Armoede Interventies en eindverantwoordelijke voor het onderzoek.
  • Het onderzoek wordt aangestuurd door projectleider Dr. Mirre Stallen. Zij is sinds 2017 senior onderzoeker bij het lectoraat. Mirre heeft een achtergrond in cognitieve neurowetenschappen, veel ervaring met experimenteel en veldonderzoek en de ontwikkeling en evaluatie van gedragsinterventies op het gebied van armoede.

Lief en leed delen

De onderzoeksdata geven onderbouwing voor mogelijke oplossingen. Maar wie zijn die 600.000 huishoudens die in armoede leven? Wat is het verhaal van de gezinnen? Hoe overwinnen ze hun hindernissen? En waar dromen ze van?

Lees verhalen van gezinnen die leven in armoede