Wereld van verschil

Kinderen het gevoel willen geven dat ze ertoe doen, dat zat er bij mij al heel vroeg in. Zo herinner ik me een klasgenootje op de basisschool, met allemaal wratjes op zijn handen. Geen kind wilde hem een hand geven bij een spelletje. Ik eigenlijk ook niet, maar ik deed het wel. Uiteindelijk vond ik het belangrijker dat hij kon meedoen.

[Margrite Kalverboer, kinderombudsman]

Margrite Kalverboer (Groningen, 20 december 1960) is orthopedagoog en jurist. Zij is sinds 2016 Kinderombudsman.

Het besef dat ik me professioneel wilde inzetten voor kinderen kwam in de jaren zeventig, toen ik vrijwilligerswerk deed op een residentiële jeugdinstelling in Engeland. Een van de autistische kinderen daar was een zogenaamde headbanger, hij bonkte met zijn hoofd tegen alles wat hij tegenkwam. Tijdens een teambespreking stelde iemand voor hem een helmpje op te doen, zodat het personeel niet voortdurend hoefde op te letten. Onmogelijk, meende de directrice, want dat zou de reputatie van de instelling schaden. Wel had ze een alternatief dat het personeel óók zou ontlasten. Tot mijn ontzetting stelde ze voor om de jongen af en toe in een net aan het plafond te hangen.

Dit soort kinderleed wil ik voorkomen. Terwijl ik tot die tijd twijfelde tussen een rechtenstudie of de kunstacademie, koos ik ervoor pedagogiek te studeren. Maar in de justitiële jeugdinrichting waar ik vervolgens ging werken, liep ik tegen grenzen aan. Vooral bij het strafrechtelijke deel kwam ik niet uit met mijn pedagogische achtergrond. Dus ging ik alsnog rechten studeren.

In mijn huidige functie als kinderombudsman kan ik al mijn vaardigheden en studies combineren om echt iets voor kinderen te betekenen. De droeve verhalen die ik hoor, bezorgen me soms echt buikpijn. Kinderen die ontzettend hun best doen, en toch het land uit moeten of kinderen die niet thuis kunnen wonen en van pleeggezin naar pleeggezin gaan. Dat is onverdraaglijk.

Na jarenlang gewerkt te hebben met kinderen, ben ik tot de slotsom gekomen dat een stabiele leefomgeving een van de belangrijkste voorwaarden is om een kind tot bloei te laten komen. Goed eten en drinken, aandacht en liefde, een zekere structuur, de mogelijkheid je talenten te ontplooien. De zekerheid dat je een thuis hebt, niet alleen een huis. En niet alleen vandaag, maar morgen ook. En de week daarna.

Kinderen hebben het bovendien nodig te worden gezien. Al is er maar één persoon die in ze gelooft, dat scheelt alles. Je hoeft echt geen kinderombudsvrouw te zijn om voor kinderen van betekenis te zijn. Ook een lieve buurvrouw, een leuke docent of een fijne tante kan een wereld van verschil maken.

Dit artikel verscheen eerder in de MEDE. Ontvang iedere kwartaal kosteloos het Magazine van Kansfonds.

Ik meld mij aan.