Hoe groot is het armoedeprobleem?

1 op de 8 kinderen in Nederland leeft onder de armoedegrens. Deze kinderen worden dagelijks geconfronteerd met de gevolgen van geldgebrek. Niet elke dag warm eten bijvoorbeeld. Geen fiets om mee naar school te kunnen. Maar ook zorgen over hoe het verder moet. Dat ontwrichte leven geeft veel stress: bij kinderen en ouders.

De gevolgen

Armoede leidt niet automatisch tot problemen in de ontwikkeling van kinderen. Zeker niet als de armoede tijdelijk is en ouders goed met de situatie kunnen omgaan. Dat ligt anders bij gezinnen die meerdere problemen hebben en langduriger in armoede leven. Een opeenstapeling van factoren waar de gezinnen onder lijden, maakt dat ze elke dag bezig zijn te overleven. Er kan bij de kinderen een voedingsbodem ontstaan voor problemen in hun ontwikkeling. Zeker als er veel tegelijkertijd tegenzit in het gezin.

Hoe kinderen overleven

Uit diverse onderzoeken blijkt dat opgroeien in armoede veel effecten kan hebben op kinderen. Onderzoeken rapporteren bijvoorbeeld over kinderen die zich ongelukkig voelen, minder presteren op school, minder vriendjes hebben en minder toegang hebben tot informatie, sport en recreatie. Hoe langer het gezin in armoede leeft, hoe meer gevoelens van zorgen en angst er kunnen ontstaan.

Ook mijden kinderen vaak situaties waarin hun armoede zichtbaar wordt. Ze praten weinig met hun ouders over geld en laten niet merken dat ze graag iets willen wat geld kost. Sommige kinderen hebben het gevoel dat de situatie onveranderbaar is. Ze schamen zich, of voelen verdriet en woede. Andere kinderen nemen de zorgen van hun ouders over.

Kinderen zijn ook vaak volop bezig met overleven in het gezin dat zo ontregeld is geraakt. Die stress kan leiden tot (chronische) gezondheidsklachten. Soms is de leefsituatie zelfs zo moeilijk dat er problemen ontstaan in de ontwikkeling van het kind.

Ouders hebben het zwaar

Ouders die hun kinderen moeten opvoeden in armoedesituaties hebben het niet makkelijk. Armoede kan – zeker als die situatie langere tijd duurt – chronische stress veroorzaken bij de ouders. Dat heeft niet alleen een negatieve invloed op hun welzijn, maar ook op hun rol als opvoeder.

Zo kan de stress het moeilijker maken om te reflecteren op het ouderschap. De ouders hebben vaak last van de veroordeling van anderen. Ook ervaren ze weinig sociale steun en toegankelijke hulp. Ze leven in zorgen en er kunnen gevoelens van falen en schuldgevoelens ontstaan. Het zelfbeeld staat onder druk. Door de stress kunnen ouders sneller geïrriteerd en boos raken, wat weer een negatieve invloed heeft op hun kinderen. Sommige ouders reageren door de stress minder gevoelig in de interactie met het kind – of zitten juist bovenop het gedrag van hun kind.

Bronnen